Spring naar content

Heb je iets voor een dwarse peuter van 2?

‘Heb je iets voor mijn dwarse peuter van 2? Behalve consequent zijn?’

Ik kijk mijn vriendin aan en moet even nadenken. Deze vraag komt echt uit haar tenen, weet ik. Ze heeft een heerlijk energiek en onderzoekend ventje, een peuter van bijna 2 jaar. En dat kan best vermoeiend zijn. Zeker als ze voor de 100ste keer zegt dat hij niet op de bank mag springen.

Het koppige gedrag van een peuter

In gedachten ga ik even terug naar mijn peuter van 2. Om eerlijk te zijn, was mijn peuter niet heel dwars. Denk ik tenminste. Of ik ben het vergeten. Ik weet wel dat ik mij ging verdiepen in deze peuterfase om ervoor te zorgen dat ik mijn peuter een beetje begreep. Zo is het ‘koppige’ gedrag van een peuter er niet voor niets.

Deze fase hebben ze nodig

Deze fase hebben ze nodig om een stap te zetten naar individualisatie en zelfstandigheid. Ze ontdekken dat ze los kunnen staan van hun ouders, met een eigen mening en een eigen wil.

De cursus baby- en kindergebaren

Mijn vriendin heeft ruim een jaar geleden bij mij de cursus baby- en kindergebaren gevolgd. Ze heeft gebaren geleerd en meer inzicht gekregen in de ontwikkeling van jonge kinderen. Ik herinner haar aan het stukje over ‘instappen in de belevingswereld’ van haar kindje. Omdat ze dan, door goed te kijken, meer te weten komt wat er in zijn peuterwereld gebeurt.

Kijk eens wat hij doet of nodig heeft.

Je ziet je peuter van 2 iets doen waarop je eigenlijk met een ‘nee’ wilt reageren. Voordat je dit doet, stel jezelf eens de volgende vragen:

  • Is het gevaarlijk? of
  • Is dit echt niet okay als hij dit doet? of
  • Vind ik het vooral ongemakkelijk voor mezelf?

Daarna kijk je naar wat je kind nodig heeft. Wat zit er achter zijn behoefte? Dat kan bijvoorbeeld aandacht, een knuffel of de wil om te ontdekken zijn.

Springt hij op de bank? Dan wil hij graag bewegen.

Op deze manier hoef jij niet boos te worden of weer ‘Nee!’ te zeggen maar snap je waarom hij op de bank springt. Zeg dan bijvoorbeeld: “Ik zie dat je lekker wilt bewegen, zullen we even naar de speeltuin gaan?”

En uiteraard kun je ook benoemen dat de bank is om op te zitten. En springen doen we op de grond of op de trampoline. Met het gebaar voor ‘zitten’ erbij bekrachtig je het woord zitten en wordt dit sneller en makkelijk ontvangen door je peuter.

 

 

Zo neem ik mijn vriendin mee terug naar de cursus van destijds. Van de theorie over baby’s en babygebaren wordt de link gelegd naar de theorie over peuters en de kindergebaren. Ik zie het kwartje bij haar vallen en voeg er aan toe: “Als dit allemaal niet helpt, mag je hem altijd bij mij langs brengen 😉.” Ze schiet in de lach. Ze zal het onthouden.

De peuter van 2 

Een paar weken later mocht ik op deze peuter van 2 oppassen. En zijn onderzoekende karakter liet zich direct meester van hem maken. Wanneer we naar de keuken lopen om een appeltje te eten, opent hij het ene kastje naar het andere. Vol verwondering wordt de inhoud geïnspecteerd. Bij het kastje met glaswerk en borden blijft hij staan en kijkt alsof hij zijn doel bereikt heeft. Ondertussen volg ik zijn handelingen en bijt bijna mijn tong af om hem niet tegen te houden. Bijna wil ik zeggen: “Nee, doe dat maar niet.” Maar ik kijk toe wat hij doet. Niet alleen vind je in dit kastje borden en glaswerk. Hier staan ook de plastic bakjes en bekers. Het vel gekleurde bakje heeft zijn aandacht. Hij pakt het eruit en geeft het met een grote glimlach aan mij. Voor de appel. Het kastdeurtje gaat weer dicht en mijn serviesgoed is nog heel! 😊 Wat een team!

 

Tamara Staring | Taal voor Taal | mei 2021

 

Meer lezen over deze peuterfase? Lees ook eens het blog: ‘Hij is twee, en ik zeg ‘NEE!’.

Geef een reactie

Scroll naar boven