Skip to content

Het is kwart voor 7 ’s avonds. Doodvermoeid en huilend plof ik op de bank. Het is weer zo’n dag. Zo’n dag dat ik me een slechte moeder voel. Zo’n dag dat het niet helemaal of eigenlijk helemaal niet lekker loopt tussen mij en mijn kind. Die begon al om 7 uur vanmorgen met ‘Nee dat wil ik niet. Nee. dat. ga. ik. niet. doen.’ En ik vroeg haar alleen maar om zich aan te kleden voor school.

Het werd niet beter

Uit school was het al niet veel beter. Er was niemand die met haar kon spelen. Anna kon wel spelen maar ja Anna was vandaag stom. Gemopper op de fiets terug naar huis. Ik probeer haar een beetje af te leiden met te vragen hoe het was op school en of ze gespeeld had met Joep, haar beste vriendje. Ik krijg geen reactie of ze sist als ik vragen stel.

Het komt niet meer goed. We zijn vandaag geen beste vrienden. En om eerlijk te zijn gisteren en eergisteren ook al niet. Het lukt me niet om in verbinding te komen met mijn meissie. Ze zit me teveel onder mijn huid en ze weet feilloos mijn ‘knopjes’ in te drukken.

Geen verbinding

Nu ik, voor mijn gevoel, eindelijk even kan zitten en zij in haar bed ligt, kan ik afstand nemen en ineens zie ik waar het mis ging. Waarom ik geen verbinding kon maken. Ik maakte geen contact. Ik was te druk met mijn eigen gevoelens.

Ik was zo boos vanmorgen al over haar grote mond en dat ze niet gewoon eens luisterde dat dit gevoel de hele dag bij me is gebleven. En toen ze vanmiddag uit school niemand had om mee te spelen erkende ik niet haar teleurstelling. In plaats daarvan vond ik dat ze niet zo moest zeuren en kon kiezen om met Anna te spelen of met niemand. Punt.

Hoe had ik dit (heel makkelijk) kunnen oplossen?

  • Kijken: Wat zit haar dwars? Wat wil ze graag? Ze wil graag met iemand spelen.
  • Instappen: Haar teleurstelling erkennen. “Je had graag met iemand willen spelen hè? Jammer dat Joep en Joris naar de BSO zijn en dat je niet met hen kunt spelen hè? Anna kan wel spelen maar daar heb je vandaag geen zin in of wel?”
  • Meenemen: ‘Misschien kun je morgen met Joep of Joris spelen. Zullen wij vanmiddag samen iets gaan doen? Zullen we cup cakes bakken?’

Als ik dit had gezegd was de weg terug naar huis een stuk gezelliger geweest. En de rest van de dag ook. 😉

De methode Taal voor Taal

Wil je meer weten over deze methode kijken- instappen – meenemen? Ik vertel je er graag meer over in onze cursus baby- en kindergebaren. En ook leer je dan meer over hoe de hersenen van je kleintje werkt.

Ik kan je vertellen dat deze methode heel waardevol is en bij heel veel situaties werkt. Als je hem tenminste niet vergeet in te zetten.

Ik neem nog een glas wijn. Morgen weer een nieuwe dag. Nieuwe dag, nieuwe kansen. Cheers!

 

Door Tamara | Taal voor Taal | november 2020

 

Laat een reactie achter





Scroll To Top